In mijn vorige column schreef ik over de polarisatie in het kansspel debat. Mijn punt was dat de speler zonder gokprobleem, zo'n 80 procent, niet aan tafel zit. De regels worden gemaakt door mensen die zelf niets met kansspelen hebben en vaak ook niet begrijpen waarom iemand er plezier aan beleeft. Dat was vooral een kritiek op de wetgever. Ga in gesprek met de speler, was mijn oproep, en baseer je regels op wat de consument echt nodig heeft, en niet alleen op wat moreel goed voelt. Maar het was ook een oproep aan de speler om uit z’n schulp te komen en deel te nemen aan het gesprek. 

In deze column ga ik me op de kansspelaanbieders richten. En de vorige column ging over wat moet, nu gaat het over wat kan.

Er zijn allerlei maatregelen die moeten voorkomen dat een speler zich verliest in het spel en een verslaving ontwikkelt. Grofweg vallen ze in drie groepen:

  • Preventie, dat is voorlichten en het instellen van limieten. 
  • Monitoren van speelgedrag en interventie, of wel ingrijpen waar het misgaat. 
  • Uitsluiten van spelers die het niet meer onder controle hebben.

In het debat gaat het vaak over de limieten en daarover ga ik het in deze column hebben, want er zit een kant aan die bij velen nog onbekend is.

Wie bepaalt de grens?

Sinds oktober 2024 kennen we in Nederland de netto-stortingslimiet. Die kijkt naar wat je per maand stort, min wat je laat uitbetalen. Voor spelers van 24 jaar en ouder ligt de grens op €700 per maand. Voor jongvolwassenen op €300. Wil je daaroverheen, dan moet je aantonen dat je het je kunt veroorloven, bijvoorbeeld met een inkomensverklaring. De wetgever bepaalt dus in eerste instantie hoeveel je kunt verliezen.

Daarvoor was het anders. Je moest als speler ook toen al een limiet instellen, alleen was er geen regel voor hoe hoog die moest zijn. Je bepaalde hem zelf.

Twee situaties dus: de speler stelt zijn eigen grens in, of de wetgever doet het. Maar er is een derde mogelijkheid. Wat als de aanbieder de grens bepaalt? Uit zichzelf, zonder dat het hoeft.

Dat is precies wat PAF doet. Voor zover ik weet, momenteel als enige aanbieder ter wereld.

PAF is anders

PAF is geen doorsnee aanbieder. Het werd in 1966 opgericht op de Åland-eilanden, een autonome regio van Finland in de Oostzee. De oprichters waren een aantal goede doelen, waaronder het Rode Kruis en Save the Children. Groot werden ze met casino's op de veerboten tussen Finland en Zweden. De eigenaar is tot op de dag van vandaag de regionale overheid van Åland. Dus geen investeerders of aandeelhouders. De winst gaat naar de samenleving, naar sport, cultuur, jeugdwerk en sociale projecten. In 2024 zo'n €21,5 miljoen. Sinds de oprichting al meer dan €468 miljoen.

Als je bestaansreden is geld ophalen voor de samenleving, dan kijk je anders naar je spelers. Dan is een speler die te veel verliest geen goede klant maar een ethisch probleem.

In 2016 financierde ze een promotieonderzoek aan de Universiteit van Stockholm naar het effect van limieten die spelers zelf instellen, hetzelfde soort limiet dat je bij het openen van een account bij een Nederlands legale aanbieder moet instellen. Afgezien dat ze betaalde leverde ze ook de spelersdata aan die de basis vormden voor de studie. De conclusie was ontnuchterend: vrijwillige limieten veranderen het speelgedrag nauwelijks. 

Ruim voordat de onderzoeksresultaten gepubliceerd werden trok PAF zelf intern al de conclusie en namen ze actie. Sinds 2018 geldt bij PAF een verlieslimiet voor iedereen. Je kunt per jaar maar een bepaald bedrag verliezen, ook al wil en kan je meer veroorloven. Dat bedrag was eerst €30.000 per jaar. Nu, acht jaar later, is die limiet gehalveerd. Voor spelers van 25 jaar en ouder ligt die op €15.000. Voor 20- tot 24-jarigen op €6.000, en voor 18- en 19-jarigen op €1.800 per jaar. Je mag hem zelf lager zetten maar omhoog kan niet. En hij geldt voor al hun spellen en sites tegelijk. Het uiteindelijke doel is om het maximale verlies voor 25 jaar en ouder te verlagen tot maximaal €8000 per jaar. 

Je vraagt je natuurlijk af of dat niet ten koste gaat van de omzet. Jazeker. Naar eigen zeggen zo'n €7 miljoen per jaar, doordat ze afscheid hebben genomen van hun grootste verliezers. En toch draaide PAF in 2024 een omzet van €183 miljoen en een winst van €54 miljoen. Die winst komt van een grote groep spelers die kleine bedragen inzet. Op die manier hebben ze veel spelers die zich kapot spelen er bewust uitgehaald.

Waarom ik dit vertel

Als Nederlander kun je helaas niet bij PAF terecht. Ze hebben geen vergunning van de Ksa. PAF is momenteel actief op Åland en in Zweden, Estland, Letland en Spanje, met een handvol merken, en ook op cruiseschepen en aan land. Plannen om naar Nederland te komen heb ik niet kunnen vinden.

Waarom dit verhaal dan, als je er toch niet kunt spelen? Omdat ik het een mooi voorbeeld vind van hoe het ook kan. En om wat het doet met de beeldvorming.

Een veelgehoord verwijt is dat kansspel bedrijven gierig zijn en uit zijn op winstmaximalisatie, dat ze altijd het onderste uit de kan wil, en tot het randje van wat mag zal gaan zolang het maar winst oplevert. PAF laat zien dat het anders kan.

Een verlieslimiet is geen wondermiddel. De oorzaak van verslaving ligt niet eens enkel in het spel zelf, dat is veel ingewikkelder. En zo'n grens zegt niets over hoe een spel is ontworpen, die vol zitten met trucs die je net even langer laten door spelen. Daar helpt geen limiet tegen. Maar het sluit wel aan bij iets waar ik op mijn eigen blog over schrijf, namelijk dat winstmaximalisatie en gierigheid, wat mij betreft, aan de basis liggen van de meeste problemen. En dat geldt niet alleen voor kansspelsector

Ik zou graag meer bedrijven zien die zichzelf grenzen opleggen omdat ze vinden dat het hoort, zonder dat een toezichthouder eraan te pas hoeft te komen. Mijn visie is: zet de speler en de samenleving voorop. Doe je dat goed, eerlijk en verantwoord, dan mag je daar best geld mee verdienen. Een bedrijf dat zichzelf een grens oplegt, vind ik moreel een stuk gezonder dan een bedrijf dat tot het uiterste gaat wat de wet toestaat om consument uit te baten. Het is beter voor de beeldvorming, en voor de verhouding met de wetgever en alle andere stakeholders. Dat leidt volgens mij tot een beter gesprek, en uiteindelijk tot betere oplossingen. Dat is wat uiteindelijk het stigma kan veranderen. 

Over stigma wil ik het in m'n volgende column hebben.

Dank voor het lezen van mijn gedachten. Wellicht zet het je aan het denken.

Gerelateerde artikelen

De speler verdwijnt uit beeld terwijl illegale casino’s groeien

Kalender
Het debat over online gokken gaat al jaren over dezelfde onderwerpen. Reclame moet verder beperkt worden. Speellimieten moeten strenger. Affiliates liggen onder vuur. Politici willen harder ingrijpen. Maar één groep hoor je zelden echt aan het woord: de speler zelf.
Lezen

Speel jij voor fun en verantwoord? Dan moet je van je laten horen!

Kalender
Speel jij voor je plezier, zonder dat het uit de hand loopt? Dan hoor je bij de grootste groep spelers. En juist die groep zit nooit aan tafel als het over gokken gaat. Er wordt over je beslist terwijl je er zelf niet bij bent.
Lezen
back to top of page